Huilers kleuren het strand wit

Als je een huiler, een jonge zeehond die zijn ouder kwijt is, in de ogen kijkt, smelt je. Gezien de grootte van de populaties hoeven we ze echter niet meer op te vangen.

Tijdens de kerstdagen stond er veel wind op de wadden en de waterstand in de Waddenzee was bij vloed drie meter hoger dan normaal. Zandbanken waarop de huilers lagen, kwamen onder water en een aantal jongen raakte de moeder kwijt. Gekscherend werd er op Terschelling gezegd: ‘toch een witte kerst’. Maar dan wel eentje waar je als natuurliefhebber niet vrolijk van wordt.

De net gestarte zeehondenopvang op Terschelling zat meteen vol en vijftien huilers van Terschelling moesten naar Pieterburen. Huilers zijn jonge zeehonden die hun moeder zijn kwijtgeraakt. Vaak lijkt dat erger dan het is.

Grijze zeehonden, Halichoerus grypus, worden in de winter geboren. De pups hebben bij de geboorte een lange witte vacht die goed isoleert, maar zwemmen bemoeilijkt. Daarom liggen ze liever lekker lui op het droge. Daar worden ze door moeder slechts een drietal weken gezoogd. Het zog van zeehonden is buitengewoon vet, daardoor kan moeder het jong al heel vroeg aan zijn lot overlaten. De pups teren een aantal dagen op hun reserves. Daarna moeten ze aan de bak: zwemmen en zelf vissen. De meeste ‘witjes’ zijn hun moeder nu kwijt en dat hoort dus zo. Ze lijken, als ze aan het strand liggen, in nood, maar ze zijn al afgespeend en zullen bij opkomend water gewoon de zee in gaan om te vissen. Toeristen weten dit vaak niet en verstoren dan de op het land liggende jongen.

huiler-wadden-jonge-zeehond

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *